Verse 1 — Surah Yunus 10:1
Alif, Laam, Raa. Dit zijn de verzen van het Boek vol van Wijsheid
Verse 2 — Surah Yunus 10:2
Is het vreemd voor de mensen, dat Wij een man uit hun midden openbaarden: 'Waarschuw het mensdom en geef blijde tijding aan degenen die geloven, dat zij een ware rang bij hun Heer zullen hebben'? De ongelovigen zeggen: 'Voorzeker, deze is een openlijke tovenaar
Verse 3 — Surah Yunus 10:3
Voorwaar, Allah is uw Heer, Die de hemelen en de aarde in zes dagen schiep, en Hij zette Zich op de troon, alles regelend. Er is geen bemiddelaar, dan met Zijn goedkeuring. Dit is Allah, uw Heer, aanbidt Hem daarom. Wilt gij dan geen lering trekken
Verse 4 — Surah Yunus 10:4
Tot Hem is uw aller terugkeer, dit is de ware belofte van uw Heer. Voorzeker, Hij begint de schepping, daarna zet Hij haar voort, opdat Hij degenen die geloven en goede werken doen met rechtvaardigheid moge belonen. En de ongelovigen zullen een drank van kokend water en een pijnlijke straf ontvangen, daar zij (de waarheid) verwierpen
Verse 5 — Surah Yunus 10:5
Hij is het, Die de zon tot een stralend licht maakte en de maan tot een helder licht en er stadia voor verordende, zodat gij het getal der jaren en het berekenen (van de tijd) mocht kennen. Allah heeft dit niet dan in waarheid geschapen. Hij zet de tekenen uiteen voor een volk, dat wil weten
Verse 6 — Surah Yunus 10:6
Voorwaar, in de wisseling van dag en nacht en in al hetgeen Allah in de hemelen en op aarde heeft geschapen zijn er tekenen voor een godvrezend volk
Verse 7 — Surah Yunus 10:7
Voorzeker, die niet uitzien naar de ontmoeting met Ons en die met het leven dezer wereld tevreden zijn en er voldoening in vinden en degenen, die onoplettend op Onze tekenen zijn
Verse 8 — Surah Yunus 10:8
Dezen zijn het, wier verblijfplaats het Vuur is, voor hetgeen zij verdienen
Verse 9 — Surah Yunus 10:9
Maar degenen die geloven en goede werken doen, hun Heer zal hen wegens hun geloof leiden. Rivieren zullen voor hen stromen in de tuinen der zaligheid
Verse 10 — Surah Yunus 10:10
Hun aanroep daarin zal zijn: 'Heilig zijt Gij, O Allah!' en hun groet 'Vrede'. En het einde van hun aanroep zal zijn: 'Alle lof komt Allah toe, de Heer der Werelden
Verse 11 — Surah Yunus 10:11
En indien Allah het boze voor de mensen zou verhaasten, zoals Hij voor hen het goede verhaast, zou hun tijd reeds gekomen zijn. Maar Wij laten degenen die niet naar de ontmoeting met Ons uitzien, in opstand, blindelings dwalen
Verse 12 — Surah Yunus 10:12
En wanneer de mens een moeilijkheid overkomt, bidt hij tot Ons, op zijn zijde liggende, of zittende, of staande, maar wanneer Wij zijn last van hem hebben verwijderd, gaat hij zijn gang, alsof hij Ons nooit v��r de verwijdering van zijn moeilijkheid had aangeroepen. Zo werd in de ogen der buitensporigen schoonschijnend gemaakt, wat zij deden
Verse 13 — Surah Yunus 10:13
En Wij vernietigden de geslachten die v��r u bestonden toen zij kwaad verrichtten en er kwamen tot hen boodschappers met duidelijke tekenen, maar zij wilden niet geloven. Zo vergelden Wij het schuldige volk
Verse 14 — Surah Yunus 10:14
En na hen hebben Wij u tot stedehouders op aarde gesteld, opdat Wij zien, hoe gij zoudt handelen
Verse 15 — Surah Yunus 10:15
En wanneer hun Onze duidelijke tekenen worden voorgedragen, zeggen degenen, die niet naar de ontmoeting met Ons uitzien: 'Breng een andere Koran dan deze, of verander hem.' Zeg: 'Het staat niet aan mij, hem te veranderen uit mijzelf. Ik volg slechts hetgeen mij is geopenbaard. Voorzeker, ik vrees, als ik mijn Heer niet gehoorzaam, de straf van de grote Dag
Verse 16 — Surah Yunus 10:16
Zeg: 'Als Allah het zo had gewild, zou ik u niet hebben voorgedragen (de Koran), noch zou Hij u deze bekend hebben gemaakt. Voorzeker, ik heb voordien een heel leven onder u doorgebracht. Wilt gij dan niet begrijpen
Verse 17 — Surah Yunus 10:17
Wie is dan onrechtvaardiger, hij, die een leugen over Allah spreekt, of die Zijn tekenen verloochent? Voorzeker, de schuldigen zullen nooit slagen
Verse 18 — Surah Yunus 10:18
En zij bidden buiten Allah om tot datgene wat hen schaden noch baten kan en zij zeggen: 'Dezen zijn onze bemiddelaars bij Allah.' Zeg: 'Wilt gij Allah over iets, dat Hij in de hemelen of op aarde nog niet zou kennen, inlichten?' Heilig is Hij en hoog verheven boven al hetgeen zij met Hem vereenzelvigen
Verse 19 — Surah Yunus 10:19
En het mensdom was slechts ��n gemeenschap, daarna verschilden zij en ware het Woord van uw Heer niet uitgegaan, voorzeker zou er over hun geschil beslist zijn
Verse 20 — Surah Yunus 10:20
En zij zeggen: 'Waarom is er geen teken van zijn Heer tot hem (de profeet) nedergezonden?' Zeg: 'Het onzienlijke behoort alleen Allah toe. Wacht, ik ben met u onder de wachtenden
Verse 21 — Surah Yunus 10:21
En wanneer Wij mensen barmhartigheid doen smaken nadat tegenspoed hen overviel, zie! zij beginnen tegen Onze tekenen plannen te smeden. Zeg: 'Allah is vlugger in het maken van plannen.' Voorzeker Onze boodschappers schrijven al hetgeen gij verzint op
Verse 22 — Surah Yunus 10:22
Hij is het, Die u in staat stelt door het land en op zee te reizen, totdat, wanneer gij op de schepen zijt en zij met een mooie bries varen en (de opvarenden) er zich in verheugen, hen een geweldige wind achterhaalt en de golven van alle zijden over hen komen en zij overtuigd zijn dat zij verloren zijn; dan roepen zij Allah in oprechte aanbidding aan: 'Als Gij ons hiervan redt, zullen wij zeker tot de dankbaren behoren
Verse 23 — Surah Yunus 10:23
Maar wanneer Hij hen heeft gered, ziet, beginnen zij ten onrechte een opstand in het land te ontketenen. O, gij mensen, voorzeker uw opstand keert zich slechts tegen u zelf. Thans geniet gij het genoegen van het tegenwoordige leven. Daarna zal uw terugkeer tot Ons zijn en Wij zullen u inlichten over hetgeen gij deedt
Verse 24 — Surah Yunus 10:24
De gelijkenis van het tegenwoordige leven is slechts als water, dat Wij uit de wolken nederzenden, daarna groeit hierdoor het gewas van de aarde weelderig, waarvan mensen en vee eten, totdat, wanneer de aarde haar sier ontvangt en er schoon uitziet en haar eigenaars denken, dat zij er macht over bezitten, Ons gebod bij dag of bij nacht tot haar komt, dan maken Wij haar tot een gemaaid veld, alsof er de vorige dag niets was geweest. Zo leggen Wij de tekenen uit aan een volk, dat nadenkt
Verse 25 — Surah Yunus 10:25
En Allah roept naar het tehuis van Vrede en leidt wie Hij wil naar het rechte pad
Verse 26 — Surah Yunus 10:26
Er zal voor degenen die goede daden verrichten het goede zijn en nog meer. Zwartheid noch schande zal hun gezicht bedekken. Dezen zullen de bewoners van het paradijs zijn, zij zullen daarin vertoeven
Verse 27 — Surah Yunus 10:27
En degenen die boze daden verrichten, de vergelding van het kwaad zal het gelijke daaraan zijn en de schaamte zal hen bedekken. Zij zullen niemand hebben om hen tegen Allah te beschermen. (En het zal zijn) alsof hun gezicht met de duisternis van de nacht bedekt ware. Dezen zullen de bewoners van het Vuur zijn, zij zullen daarin vertoeven
Verse 28 — Surah Yunus 10:28
En de Dag waarop Wij hen allen zullen verzamelen, zullen Wij tot de afgodendienaren zeggen: 'Blijft ter plaatse, gij en uw deelgenoten.' Daarna zullen Wij hen ver van elkander scheiden en hun deelgenoten zullen zeggen: 'Voorzeker gij placht ons niet te aanbidden
Verse 29 — Surah Yunus 10:29
Allah is nu toereikend als Getuige tussen u en ons. Wij waren zeker van uw aanbidden onbewust
Verse 30 — Surah Yunus 10:30
Daarna zal iedere ziel ondervinden wat zij heeft gedaan. En zij zullen tot Allah, hun ware Meester worden teruggebracht en al hetgeen zij plachten te verzinnen zal verloren gaan
Verse 31 — Surah Yunus 10:31
Zeg: 'Wie voorziet u van voedsel van de hemel en de aarde? Of wie is het, die macht heeft over de oren en de ogen? En wie brengt de levenden uit de doden en de doden uit de levenden voort? En wie bestuurt het al?' Zij zullen zeggen: 'Allah.' Zeg: 'Wilt gij dan niet Zijn bescherming zoeken
Verse 32 — Surah Yunus 10:32
Zo is Allah, uw ware Heer. Wat is er buiten de waarheid anders, dan dwaling? Waarheen wordt gij dan afgewend
Verse 33 — Surah Yunus 10:33
Zo is het woord van uw Heer bewaarheid tegen degenen, die overtraden omdat zij niet geloofden
Verse 34 — Surah Yunus 10:34
Zeg: 'Is er ��n uwer afgoden die de schepping voortbrengt en deze daarna voortzet?' Zeg: 'Allah is het, Die de schepping voortbrengt, en deze voortzet. Hoe zijt gij dan afgewend
Verse 35 — Surah Yunus 10:35
Zeg: 'Is er ��n uwer afgoden, die tot de waarheid leidt?' Zeg: 'Allah is het, Die tot de waarheid leidt. Is daarom Hij, Die tot de waarheid leidt waardiger om te worden gevolgd, ofwel hij, die zelf de weg niet vindt, tenzij hij wordt geleid? Wat is er met u? Hoe oordeelt gij
Verse 36 — Surah Yunus 10:36
En de meesten hunner volgen niets dan vermoeden. Voorzeker vermoeden baat niet tegen de waarheid. Waarlijk, AIlah weet goed wat zij doen
Verse 37 — Surah Yunus 10:37
En deze Koran kon door niemand buiten Allah worden voortgebracht. Integendeel, hij is de vervulling van datgene wat er v��r was en is een uiteenzetting van de Wet door de Heer der Werelden, daaraan is geen twijfel
Verse 38 — Surah Yunus 10:38
Of zeggen zij: 'Hij (de profeet) heeft het verzonnen'? Zeg: 'Brengt dan een hieraan gelijke Soerah voort en roept buiten Allah wie gij kunt (om hulp aan), als gij waarachtig zijt
Verse 39 — Surah Yunus 10:39
Neen, zij loochenen datgene waarvan zij de kennis niet konden omvatten, noch is de uiteindelijke betekenis er van tot hen gekomen. Zo deden ook degenen, die v��r hen waren. Maar ziet, wat het einde was van de overtreders
Verse 40 — Surah Yunus 10:40
En er zijn sommigen onder hen die er in geloven en er zijn sommigen onder hen die er niet in geloven en uw Heer kent de onruststokers goed
Verse 41 — Surah Yunus 10:41
En indien zij u van leugen besehuldigen, zeg dan: 'Aan mij mijn werk en aan u uw werk. Gij hebt niets uitstaande met hetgeen ik doe noch heb ik iets uitstaande met hetgeen gij doet
Verse 42 — Surah Yunus 10:42
En er zijn sommigen onder hen die naar u luisteren. Maar kunt gij de doven doen horen, zelfs al willen zij niet begrijpen
Verse 43 — Surah Yunus 10:43
En er zijn sommigen onder hen die naar u kijken. Maar kunt gij de blinden leiden, zelfs al willen zij niet zien
Verse 44 — Surah Yunus 10:44
Voorzeker, Allah doet de mensen in het geheel geen onrecht aan, maar de mensen doen hun eigen ziel onrecht aan
Verse 45 — Surah Yunus 10:45
En de Dag, waarop Hij hen zal verzamelen, zal het hun toeschijnen, alsof zig slechts een uur van een dag (in de wereld) hadden vertoefd. Zij zullen elkander herkennen. Verliezers zijn zeker degenen die de ontmoeting met Allah loochenen en geen leiding willen volgen
Verse 46 — Surah Yunus 10:46
En als Wij u sommige der dingen, waarmede Wij hen hebben bedreigd, tonen, of als Wij u doen sterven, dan is tot Ons hun terugkeer en Allah is Getuige van al hetgeen zij doen
Verse 47 — Surah Yunus 10:47
Voor elk volk is er een boodschapper. Wanneer daarom hun boodschapper komt, wordt er met rechtvaardigheid onder hen geoordeeld en hun wordt geen onrecht aangedaan
Verse 48 — Surah Yunus 10:48
En zij zeggen: 'Wanneer zal deze belofte worden vervuld, als gij de waarheid spreekt
Verse 49 — Surah Yunus 10:49
Zeg: 'Ik heb voor mij zelf geen macht over schade of voordeel, behalve, wat Allah wil. Er is voor elk volk een vastgestelde termijn; wanneer hun termijn is verlopen kunnen zij hem geen uur uitstellen, noch kunnen zij hem vervroegen
Verse 50 — Surah Yunus 10:50
Zeg: 'Vertelt mij, als Zijn straf bij dag of nacht over u komt, hoe zullen dan de schuldigen weg kunnen lopen
Verse 51 — Surah Yunus 10:51
Zult gij dan, wanneer het u overvalt er in geloven?' Nu? Terwijl gij dit wilde verhaasten
Verse 52 — Surah Yunus 10:52
Dan zal er tot degenen die kwaad deden worden gezegd: 'Ondergaat de blijvende straf. Er wordt u niets vergolden dan hetgeen gij verdiendet
Verse 53 — Surah Yunus 10:53
En zij vragen u: 'Is dit de waarheid?' Zeg: 'Ja, bij mijn Heer, het is zeker waar en gij kunt het niet verijdelen
Verse 54 — Surah Yunus 10:54
En indien elke ziel die onrechtvaardig handelt al hetgeen op aarde is, zou bezitten, zou zij er zich voorzeker mede trachten vrij te kopen. En wanneer zij de straf zien zullen zij hun spijt tonen. Er zal met rechtvaardigheid over hen worden gericht en hun zal geen onrecht worden aangedaan
Verse 55 — Surah Yunus 10:55
Ziet toe! aan Allah behoort al hetgeen in de hemelen en op aarde is en weet, dat Allah´s belofte waar is. Maar de meesten hunner beseffen het niet
Verse 56 — Surah Yunus 10:56
Hij geeft leven en doet sterven en tot Hem zult gij worden teruggebracht
Verse 57 — Surah Yunus 10:57
O mensdom! Er is van uw Heer een vermaning tot u gekomen en genezing voor wat in de harten is en een leiding en barmhartigheid jegens de gelovigen
Verse 58 — Surah Yunus 10:58
Zeg: 'Dit alles is door de genade van Allah en door Zijn barmhartigheid; laat hen er zich daarom in verheugen. Dat is beter, dan hetgeen zij vergaren
Verse 59 — Surah Yunus 10:59
Zeg: 'Hebt gij overwogen, dat Allah u een voorziening heeft nedergezonden en dat gij daarna een gedeelte er van onwettig en een gedeelte er van wettig verklaardet?' Vraag (hen): 'Heeft Allah u dat toegestaan, of verzint gij leugens tegen Allah
Verse 60 — Surah Yunus 10:60
Wat denken degenen die leugens tegen Allah verzinnen van de Dag der Opstanding? Voorzeker, Allah is genadevol tegenover het mensdom, maar de meesten hunner zijn niet dankbaar
Verse 61 — Surah Yunus 10:61
In welke toestand gij u bevindt, of gij de Koran voordraagt, of iets anders doet; Wij zijn uw getuigen, terwijl gij u er in verdiept. Er is voor uw Heer zelfs geen gewicht van een atoom op aarde of in de hemel verborgen. En er is niets dat kleiner of groter is, of het staat in het duidelijke Boek vermeld
Verse 62 — Surah Yunus 10:62
Ziet! voorzeker, de vrienden van Allah zullen geen vrees hebben, noch zullen zij treuren
Verse 63 — Surah Yunus 10:63
Zig die geloven en zich aan rechtvaardigheid houden
Verse 64 — Surah Yunus 10:64
Er zijn voor hen blijde tijdingen in het tegenwoordige leven en het Hiernamaals. De woorden van Allah kennen geen verandering - dat is inderdaad de opperste zegepraal
Verse 65 — Surah Yunus 10:65
En laat hun woorden u niet verdrieten. Voorzeker, alle macht behoort Allah. Hij is Alhorend, Alwetend
Verse 66 — Surah Yunus 10:66
Ziet! voorzeker, van Allah is al hetgeen in de hemelen en op aarde bestaat. Wat volgen zij die buiten Allah afgoden aanroepen? Zij volgen slechts een vermoeden en doen niets dan gissen
Verse 67 — Surah Yunus 10:67
Hij is het, Die de nacht voor u heeft gesteld, opdat gij er in moogt rusten en de dag vol van licht. Voorzeker, daarin zijn tekenen voor een volk, dat luistert
Verse 68 — Surah Yunus 10:68
Zij zeggen: 'Allah heeft een zoon tot Zich genomen. Heilig is Hij, Hij is Zichzelf genoeg. Aan Hem behoort wat in de hemelen en op aarde is. Gij hebt hier geen gezag over. Zegt gij over Allah wat gij niet weet
Verse 69 — Surah Yunus 10:69
Zeg: 'Degenen, die over Allah een leugen verzinnen, zullen niet slagen
Verse 70 — Surah Yunus 10:70
Zij zullen in deze wereld tijdelijk genieten, daarna zal hun terugkeer tot Ons zijn, dan zullen Wij hen een strenge straf doen ondergaan, omdat zij niet geloofden
Verse 71 — Surah Yunus 10:71
En verkondig hun het verhaal van Noach, toen hij tot zijn volk zeide: 'O, mijn volk, als mijn houding en mijn vermaning door de tekenen van Allah u aanstoot geven - ik leg mijn vertrouwen in Allah - breng dan al uw plannen en uw afgoden bijeen; laat dan uw handelwijze duidelijk blijken, komt dan tegen mij op en geeft mij geen uitstel
Verse 72 — Surah Yunus 10:72
Maar als gij u terugtrekt vraag ik van u geen beloning. Mijn beloning is bij Allah alleen en het is mij bevolen tot de Moslims te behoren
Verse 73 — Surah Yunus 10:73
Maar zij verloochenden hem; daarom redden Wij hem en degenen die met hem in de ark waren. En dezen maakten Wij tot de stedehouders, terwijl Wij degenen die Onze tekenen verloochenden lieten verdrinken. Zie! hoe het einde was van degenen, die werden gewaarschuwd
Verse 74 — Surah Yunus 10:74
Toen zonden Wij na hem andere boodschappers naar hun volk en deze kwamen tot hen met duidelijke bewijzen. Maar dezen wilden in datgene niet geloven wat zij voorheen hadden verloochend. Zo verzegelen Wij het hart der overtreders
Verse 75 — Surah Yunus 10:75
Dan zonden Wij na hen Mozes en A�ron met Onze tekenen naar Pharao en zijn leiders, maar zij handelden aanmatigend. En zij waren een misdadig volk
Verse 76 — Surah Yunus 10:76
En toen de waarheid van Ons tot hen kwam, zeiden zij: 'Dit is gewis duidelijke tovenarij
Verse 77 — Surah Yunus 10:77
Mozes zeide: 'Zegt gij dit van de waarheid nadat zij tot u is gekomen? Is dit tovenarij? Maar tovenaars slagen nooit
Verse 78 — Surah Yunus 10:78
Zij antwoordden: 'Zijt gij tot ons gekomen, opdat wij ons mogen afwenden van hetgeen wij onze vaderen zagen volgen zodat er voor u beiden grootheid in het land zou zijn? Maar wij zullen in u niet geloven
Verse 79 — Surah Yunus 10:79
En Pharao zeide: 'Brengt mij elke bedreven tovenaar
Verse 80 — Surah Yunus 10:80
En toen de tovenaars kwamen, zeide Mozes tot hen: 'Werpt hetgeen gij wildet werpen
Verse 81 — Surah Yunus 10:81
En toen zij wierpen zeide Mozes: 'Wat gij hebt gebracht is slechts bedrog. Voorzeker, Allah zal het ijdel maken. Voorwaar, Allah laat het werk der kwaadstichters niet gedijen
Verse 82 — Surah Yunus 10:82
En Allah bevestigt de waarheid door Zijn woorden, zelfs al zijn de sehuldigen afkerig
Verse 83 — Surah Yunus 10:83
En niemand geloofde Mozes, dan enige jongelingen van onder zijn volk, uit vrees voor Pharao en zijn leiders, in geval hij hen zou vervolgen. En waarlijk. Pharao was een tiran in het land en behoorde tot de buitensporigen
Verse 84 — Surah Yunus 10:84
En Mozes zeide: 'O mijn volk, indien gij in Allah hebt geloofd stelt dan uw vertrouwen in Hem, als gij Moslims zijt
Verse 85 — Surah Yunus 10:85
En zij antwoordden: 'Wij leggen ons vertrouwen in Allah: Onze Heer, maak ons niet tot voorwerp van vervolging voor het onrechtvaardige volk
Verse 86 — Surah Yunus 10:86
En red ons door Uw barmhartigheid van de ongelovigen
Verse 87 — Surah Yunus 10:87
Wij openbaarden aan Mozes en zijn broeder: 'Neemt gij beiden huizen voor uw volk in Egypte en bouwt uw huizen tegenover elkaar en houdt het gebed. En geeft de gelovigen blijde tijdingen
Verse 88 — Surah Yunus 10:88
En Mozes zeide: 'Onze Heer, Gij hebt Pharao en zijn leiders versieringen en rijkdommen in het tegenwoordige leven geschonken, zodat zij, Onze Heer, van Uw pad afleiden. Onze Heer, vernietig hun bezittingen en verhard hun hart, want zij zullen niet geloven voordat zij de pijnlijke straf zien
Verse 89 — Surah Yunus 10:89
Allah zeide: 'Uw gebed is aanvaard. Weest gij beiden daarom bestendig en volgt niet het pad der onwetenden
Verse 90 — Surah Yunus 10:90
En Wij brachten de kinderen Isra�ls over de zee; Pharao en zijn scharen vervolgden hen op een onrechtvaardige en aanvallende wijze, totdat hij toen hij bijna verdronk, zeide: 'Ik geloof dat er geen God is dan Hij, in Wie de kinderen Isra�ls geloven en ik behoor tot de Moslims
Verse 91 — Surah Yunus 10:91
Nu? Terwijl gij voordien ongehoorzaam waart en tot de onruststokers behoordet
Verse 92 — Surah Yunus 10:92
Heden zullen Wij uw lichaam redden, opdat gij een teken moogt zijn voor degenen die na u komen. En waarlijk, het merendeel der mensen is achteloos ten opzichte van Onze tekenen
Verse 93 — Surah Yunus 10:93
En Wij wezen de kinderen Isra�ls een uitstekend tehuis aan en Wij voorzagen hen van goede dingen en zij verschilden niet van mening voordat de kennis tot hen kwam. Voorzeker, uw Heer zal op de Dag der Opstanding onder hen richten over hetgeen waarin zij verschilden
Verse 94 — Surah Yunus 10:94
En als gij over hetgeen Wij tot u hebben nedergezonden twijfelt, vraagt dan degenen die het Boek v��r u hebben gelezen. Inderdaad, de waarheid is van uw Heer tot u gekomen; behoor daarom niet tot de twijfelaars
Verse 95 — Surah Yunus 10:95
En behoor niet tot degenen, die de tekenen van Allah verloochenen, anders zult gij tot de verliezers behoren
Verse 96 — Surah Yunus 10:96
Degenen tegen wie het woord van uw Heer van kracht is geworden, willen niet geloven
Verse 97 — Surah Yunus 10:97
Zelfs al werd elk teken hun getoond, voordat zij de smartelijke straf hebben gezien
Verse 98 — Surah Yunus 10:98
Waarom heeft, behalve het volk van Jonas geen stad geloofd, zodat hun geloof hen zou hebben kunnen helpen? Toen zij geloofden, verwijderden Wij de straf der schande in het tegenwoordige leven van hen en Wij lieten hen voor een wijle genieten
Verse 99 — Surah Yunus 10:99
En indien uw Heer had gewild, zouden allen die op aarde zijn, zeker tezamen hebben geloofd. Wilt gij de mensen dan dwingen, gelovigen te worden
Verse 100 — Surah Yunus 10:100
Doch geen ziel kan geloven zonder verlof van Allah. En Hij werpt onreinheid over degenen die hun verstand niet gebruiken
Verse 101 — Surah Yunus 10:101
Zeg: 'Overweeg, wat in de hemelen en op aarde gebeurt.' Maar tekenen, noch waarschuwers baten een volk dat niet wil geloven
Verse 102 — Surah Yunus 10:102
Verwachten zij iets anders dan het gelijke (oordeel) van de dagen dergenen, die v��r hen stierven? Zeg: 'Wacht daarom, ik ben met u onder de wachtenden
Verse 103 — Surah Yunus 10:103
Dan redden Wij Onze boodschappers en de gelovigen. Zo is het aan Ons, de gelovigen te redden
Verse 104 — Surah Yunus 10:104
Zeg: 'O gij mensen, als gij over mijn godsdienst in twijfel verkeert, (weet) dan dat ik niet aanbid degenen die gij naast Allah aanbidt, maar ik aanbid Allah Die u doet sterven en het is mij geboden tot de gelovigen te behoren
Verse 105 — Surah Yunus 10:105
En wend uw aangezicht oprecht tot deze godsdienst en behoor niet tot de afgodendienaren
Verse 106 — Surah Yunus 10:106
En roep naast Allah niet datgene aan, dat u bevoordelen noch schaden kan. En indien gij dat toch doet, dan zult gij zeker tot de onrechtvaardigen behoren
Verse 107 — Surah Yunus 10:107
En als Allah u door het kwade treft, is er niemand die dit kan verwijderen dan Hij; en als Hij het goede voor u wenst, is er niemand die Zijn genade kan beletten. Hij kent haar toe aan diegene van Zijn dienaren, die Hem behaagt. En Hij is de Vergevensgezinde, de Genadevolle
Verse 108 — Surah Yunus 10:108
Zeg: 'O, gij mensen, nu is de waarheid van uw Heer tot u gekomen. Wie daarom die leiding volgt, volgt haar ten bate van zijn eigen ziel en wie dwaalt, dwaalt slechts tot haar nadeel. En ik ben geen bewaker over u
Verse 109 — Surah Yunus 10:109
En volg hetgeen u is geopenbaard en wees standvastig, totdat Allah oordeelt. En Hij is de beste Rechter